Oman en de Trump-put

22 augustus 2026

Oman is een bondgenoot van de VS, een klein land aan de zuidkant van de Straat van Hormuz en al jaren de stille tussenpersoon tussen Washington en Teheran. Zonder Oman was het kernakkoord van 2015 met Iran er nooit gekomen. Nu bemiddelt het land opnieuw, dit keer over de heropening van de straat, en juist daarom richt Trump zijn woede op Muscat. Voor beleggers is de vraag niet of het dreigement serieus is; niemand rekent op een echte aanval. De vraag is of de woorden van de president nog het gewicht dragen dat de markt er lang aan gaf.

Wat is de Trump-put?

Een put is een verzekering tegen dalende koersen. De Trump-put is het idee dat de president die verzekering zelf levert. Beleggers gaan ervan uit dat hij de beurs als zijn scorebord ziet: zakken de koersen te ver, of lopen de rente en de benzineprijs te hoog op, dan bindt hij in. TACO: Trump Always Chickens Out. Hij draait een heffing terug, zoekt een deal, kalmeert de markt. Die verwachting legt een bodem onder de koersen, en jarenlang werkte ze. Steeds koos Trump uiteindelijk voor de-escalatie, en de markt leerde de dip te kopen. Maar nu even niet. Daarom rijst de vraag of de Trump-put nog wel bestaat.

Waarom Oman de put op de proef stelt

De oorlog met Iran duurt bijna zes maanden en de Straat van Hormuz is grotendeels dicht. Een vat Amerikaanse olie kost rond de 85 dollar, tegen 66 dollar vlak voor de oorlog. Aan de pomp betaalt de Amerikaan meer dan vier dollar per gallon. Precies nu zou de put moeten werken, want hoge benzineprijzen raken de kiezer en de tussentijdse verkiezingen komen eraan. Zelfs vicepresident Vance noemde lagere benzineprijzen onlangs het belangrijkste doel.

In plaats daarvan doet Trump het tegenovergestelde. Hij bedreigt een bondgenoot, roept Iran op zich over te geven en zegt dat hij geen haast heeft. De diplomatieke deadline liep deze week af, en hij weigerde die te verlengen. Achter de ruzie schuilt een hardnekkig geschil. Het akkoord van juni klapte omdat beide partijen dezelfde tekst anders lazen: Iran zag er de erkenning in dat het de hele straat mag beheren, Washington las er een plicht in om vrije doorvaart te garanderen. In de kern draait het dus om geld en macht. Iran wil tol heffen en dat noemt Washington juist een rode lijn vanwege het precedent voor elke strategische zeeroute. Dit is geen misverstand dat één telefoontje oplost, maar een structureel gevecht over wie de straat controleert en wie eraan verdient. Zolang het duurt, blijft de olieprijs een risicopremie dragen.

Meer dan één ruzie

Oman is bijna twee eeuwen partner van Washington, sinds het vriendschapsverdrag van 1833. Zo’n oude bondgenoot bedreigen, en tegelijk een kaart delen die de Straat van Hormuz tot “nieuw Amerikaans grondgebied” uitroept, doet iets met vertrouwen. Het blijft bovendien niet bij Oman. Zuid-Korea zag een gezamenlijke oefening geschrapt omdat het niet meehielp, en ook Londen en Madrid kregen verwijten. Washington wijst liever andere schulden aan dan het probleem op te lossen.

 

Deze week verschoof de druk naar de portemonnee. Trump dreigde met de zwaarste economische operatie ooit tegen één land en waarschuwde ieder land dat Iran nog een financiële reddingslijn biedt (via banken, luchthavens, wisselkantoren of scheepsregisters) voor forse gevolgen. Het doelwit is onmiskenbaar Dubai, al jaren Irans venster op de wereldeconomie: tot tachtig procent van de buitenlandse deviezen en ongeveer een derde van de import loopt via de Emiraten. De Verenigde Arabische Emiraten waren het dreigement vóór en kondigden aan alle handel en betalingsverkeer met Iran stil te leggen. 

 

Als Washington deze keer wel doorpakt en daarmee de sanctieladder met China opklimt, van de kleine raffinaderijen naar de Chinese staatsbedrijven erachter,  dan is het voor het eerst in maanden een daad in plaats van een kop. De markt mag een onderscheid maken tussen een  aankondiging beleid is of slechts een krantenkop.

 

De Verenigde Staten hebben Oman nodig voor de straat en voor elke serieuze onderhandeling met Iran op de langere termijn. Toch verschuift er langzaam iets. Golfstaten wegen hun afhankelijkheid van Washington opnieuw, en de vanzelfsprekende Amerikaanse rol in de regio brokkelt af. De Trump-put berust op het idee dat de Verenigde Staten uiteindelijk stabiliseren. Wordt de grootste macht in de regio zelf de bron van onrust, dan verdwijnt precies de zekerheid waarop markten lang leunden.

Niet meer relevant

De woorden van de president zijn bovendien sleets geworden, geen prettige constatering voor een narcist. Sinds het voorjaar was een akkoord met Iran keer op keer vrijwel rond, in maart, in mei, in juni en begin augustus opnieuw. Telkens bleek het niet waar. Ooit bewoog één uitspraak van Trump de hele markt; nu haalt de belegger bij de zoveelste “bijna rond”-kop zijn schouders op. Onberekenbaar in zijn daden, maar voorspelbaar in zijn woorden. Een slechte combinatie voor wie de markt wil sturen.

Naarmate de blokkade van de Straat van Hormuz voortduurt, wordt de wereld minder afhankelijk van olie uit het Midden-Oosten. Wat in zo’n onoplosbare crisis vaak wordt onderschat, is dat de wereld zich aanpast. Denk aan de ooit onoplosbaar geachte Griekse staatsschuld: de Griekse rente ligt inmiddels onder de Franse — al zegt dat evenzeer iets over de risico’s in Frankrijk, dat op weg lijkt naar een zesde republiek. Rond de Perzische Golf (jammer voor Trump dat hij juist de Golf van Mexico tot Golf van Amerika omdoopte) zoeken we andere routes om olie uit de regio af te voeren; het aantal alternatieve pijpleidingen groeit. Prijs heeft een functie. Dure olie jaagt de vraag naar alternatieve brandstoffen aan, die toevallig grotendeels niet-fossiel zijn, en zet aan tot exploratie buiten het Midden-Oosten. Na de eerste oliecrisis werd om die reden fors geïnvesteerd in het Brent-veld in de Noordzee. En we gaan zuiniger om met energie.

 

Het aanpassingsvermogen van de mens is uitzonderlijk. De meeste dieren passen zich aan via biologische evolutie, het dier gaat passen bij zijn omgeving. De mens doet het omgekeerd en past via cultuur, kennis en techniek de omgeving aan zichzelf aan. Er zijn bacteriën, ratten, kraaien, kakkerlakken en coyotes die zich razendsnel schikken aan de omgeving, maar alleen de mens heeft zijn aanpassingsvermogen losgekoppeld van de trage biologie. Datzelfde vermogen zien we terug in een economie waarin fossiele brandstoffen een steeds kleiner aandeel innemen. Minder relevant voor de economie, dus ook minder relevant voor de beurs.

 

Han Dieperink, Chief Investment Officer 

 

Disclaimer

Abonneer op deze nieuwsbrief via www.aureus.eu/nieuwsbrief       

Gerelateerde artikelen

Sturen op rente

De Amerikaanse economie verloor over juli 23.000 banen en de vorige maanden werden met 100.000 banen neerwaarts herzien, terwijl vrijwel iedereen groei had verwacht. Waar kortgeleden nog een renteverhoging werd ingeprijsd, rekenen steeds meer beleggers nu op een verlaging. Die omslag is interessant, want dalende renteverwachtingen vormen historisch de brandstof waarop een hausse uitgroeit tot een zeepbel.

Meer lezen

De Japanse yen staat voor een keerpunt

Waarom een achterlopende centrale bank en het afdekken van het valutarisico de Japanse yen sterker kunnen maken.

Meer lezen

Desinflatie: waarom de inflatie daalt zonder te verdwijnen

Inflatie is altijd en overal een monetair fenomeen, maar sinds begin 2023 daalt zij gestaag: dat heet desinflatie.

Meer lezen

Koffie?

Verder praten over de dynamiek van vermogen. Maak hier een afspraak voor een kop koffie bij ons op kantoor of bij u thuis.

Neem contact op

Fout: Contact formulier niet gevonden.