Schaf box 3 af, dan stijgt de belastingopbrengst

25 juni 2026

box 3

De Haagse zorg is deze week opnieuw samen te vatten in één getal. Ambtenaren van Financiën waarschuwen dat het niet invoeren van een volwaardige vermogenswinstbelasting de schatkist tot 2036 ongeveer 22 miljard euro kan kosten. Het is een indrukwekkend bedrag, ongeveer evenveel als het kabinet uittrekt voor de aanpak van de stikstofcrisis. En het is precies het soort getal dat het debat over box 3 al jaren in de verkeerde richting duwt. Wie alleen naar de begroting kijkt, ziet een gat. Wie naar de economie kijkt, ziet iets heel anders.

 

Begin bij de feitelijke omvang van box 3. De directe bruto-opbrengst van de heffing op sparen en beleggen is, in verhouding tot alles wat de overheid binnenhaalt, klein. We praten over een orde van grootte van vier à vijf miljard euro per jaar, op een bruto binnenlands product van ruim 1.200 miljard euro. Dat is minder dan een half procent van het BBP. En dan is dit nog de brutoraming. Netto blijft er aanzienlijk minder van over, omdat sinds het Kerstarrest een leger aan belastingambtenaren, rechters en fiscaal juristen een groot deel van zijn tijd besteedt aan conflicten met belastingplichtigen over rechtsherstel, tegenbewijs en de waardering van vermogensbestanddelen. Een belasting die zoveel uitvoeringskosten en juridische strijd oproept ten opzichte van haar opbrengst, is bedrijfseconomisch een twijfelachtig product.

 

Dan de redenering van de ambtenaren zelf. Eerst rekenen ze zich rijk. De Wet werkelijk rendement, gebouwd op een vermogensaanwasbelasting, zou volgens de raming negen miljard euro per jaar moeten opbrengen, meer dan een verdubbeling van de huidige opbrengst. Vervolgens, met dat optimistische bedrag eenmaal ingeboekt, waarschuwen dezelfde rekenmeesters dat het níét invoeren van zo’n stelsel tientallen miljarden gaat kosten. Het is een opbrengst die vooral op papier bestaat, in hun eigen spreadsheet, en die daarna als verlies wordt gepresenteerd zodra de politiek aarzelt. Het belasten van papieren winst die nooit is gerealiseerd, is bovendien internationaal hoogst ongebruikelijk, en met reden.

 

Want het echte probleem laat zich niet in een begrotingstabel vangen. Kapitaal is vluchtig. Bij de huidige tarieven, en zeker bij het vooruitzicht van een heffing over ongerealiseerde waardestijgingen, vertrekken vermogende Nederlanders. Vaak gaat het om mensen die hard hebben gewerkt als kleine ondernemer, die banen hebben gecreëerd en die over de opbrengst van dat werk al meerdere keren belasting hebben betaald: over de omzet, de inkomsten, daarna nog eens over wat resteerde. Nu zij van die opbrengst willen leven, mogen ze opnieuw afdragen, jaar na jaar, ook over winst die ze niet hebben verzilverd. Het is niet verwonderlijk dat een deel van hen de rekensom maakt en de grens overgaat.

 

Er zijn genoeg landen die hen met open armen ontvangen. Die landen begrijpen iets wat in Den Haag uit beeld is geraakt: de komst van vermogenden is goed voor de economie. Mensen die een huis kopen, hun pensioen in het land uitgeven en lokaal investeren, zijn een verdienmodel geworden. Portugal heeft jarenlang welvarende buitenlanders verwelkomd om de naweeën van de grote financiële crisis succesvol te bestrijden, en is daarin niet het enige voorbeeld. Italië, Griekenland en diverse andere bestemmingen voeren inmiddels een bewust beleid om dit kapitaal en deze koopkracht binnen te halen. Nederland doet precies het omgekeerde en jaagt het weg.

 

Keer de redenering daarom eens om. Stel dat al die Nederlanders níét meer vertrekken, en dat we en passant ook nog enkele vermogende Europeanen naar Nederland weten te trekken. Dan loopt de bijdrage aan het Nederlandse BBP al snel op tot meer dan een procent. Dat is een bedrag van meer dan tien miljard euro, waarover de overheid via de bestaande belastingmix al gauw meer dan veertig procent kan heffen. Daarmee is de opbrengst in lijn met wat box 3 nu binnenbrengt, maar dan zonder de uitvoeringslast, zonder de juridische loopgravenoorlog en zonder de schade aan het vestigingsklimaat. En in deze som zit nog veel meer ruimte naar boven: de extra investeringen, de banen die daaruit voortkomen en de bredere economische dynamiek die vermogen met zich meebrengt.

 

Natuurlijk is dit een berekening met aannames, en de uitkomst hangt af van gedrag dat zich nooit met zekerheid laat voorspellen. Maar dat geldt minstens zo sterk voor de ramingen van Financiën, die met grote onzekerheid zijn omgeven en die het indirecte effect op de economie eenvoudigweg buiten beschouwing laten. Daar wringt het. Wie uitsluitend op de overheidsbegroting focust, telt de directe euro’s en mist de veel grotere beweging eronder.

 

De beste oplossing voor box 3 is daarom niet een vermogensaanwasbelasting, en ook niet een vermogenswinstbelasting. De beste oplossing is afschaffen. Niet als cadeau aan de rijken, maar als nuchtere investering in de Nederlandse economie, een investering die zichzelf via een breder fundament aan investeringen, banen en belastinginkomsten waarschijnlijk ruimschoots terugverdient. Het gat in de begroting waarvoor de ambtenaren waarschuwen, is in werkelijkheid een gat dat het huidige beleid zelf veroorzaakt.

 

Han Dieperink, Chief Investment Officer 

 

Disclaimer

Abonneer op deze nieuwsbrief via www.aureus.eu/nieuwsbrief 

 

Gerelateerde artikelen

Stijgende rente is een teken van kracht

De stijgende rente zorgt voor onrust, maar vertelt een verhaal van kracht: van groei, winst en eerlijk rendement.

Meer lezen

Deglobalisering of reglobalisering? 

Deglobalisering lijkt onvermijdelijk, maar de cijfers vertellen een ander verhaal: de wereldhandel verandert van vorm, niet van richting.

Meer lezen

Demografie

Demografie en beleggen hangen samen: er worden steeds minder kinderen geboren, en dat verandert groei, rente en rendement.

Meer lezen

Koffie?

Verder praten over de dynamiek van vermogen. Maak hier een afspraak voor een kop koffie bij ons op kantoor of bij u thuis.

Neem contact op

Fout: Contact formulier niet gevonden.