Banken zitten gevangen in een web van regels
Sinds de financiële crisis van 2008 is er veel veranderd voor banken. Toezichthouders hebben de regels flink aangescherpt om een nieuwe crisis te voorkomen. Op zichzelf is dat begrijpelijk en verstandig. Voor beleggers heeft het echter grote gevolgen.
Een bankier moet zich tegenwoordig aan meer regels houden dan de gemiddelde ambtenaar. Banken hebben te maken met strenge eisen op het gebied van kapitaal, liquiditeit en risicobeheer. Ze moeten voortdurend aantonen dat ze genoeg buffers hebben en dat ze hun risico’s onder controle houden. Dit kost niet alleen veel geld, maar ook veel tijd en mankracht. En dan blijft er weinig over voor de aandeelhouder. Een groot deel van de organisatie is bezig met het naleven van regels in plaats van met het bedienen van klanten of het ontwikkelen van nieuwe diensten.
Daar komt nog iets bij. De overheid wil het rendement dat banken maken op hun eigen vermogen beperken. Onder meer door de regels rondom kredietverstrekking sinds de financiële crisis aan te scherpen, wordt het voor banken moeilijker om hoge winsten te behalen. Een bank die te veel risico neemt om meer te verdienen, wordt al snel teruggefloten door de toezichthouder. Het verdienmodel zit daardoor als het ware in een keurslijf.
Een bank heeft altijd een slechte balans
Er is nog een belangrijke reden waarom wij banken minder aantrekkelijk vinden. Een bank heeft naar zijn aard altijd een kwetsbare balans. Dat zit ingebakken in het verdienmodel.
Een bank leent geld kort in, bijvoorbeeld via spaarrekeningen die klanten elk moment kunnen opnemen. Tegelijkertijd leent een bank geld lang uit, bijvoorbeeld via hypotheken die pas na dertig jaar zijn afgelost. Dit verschil tussen kort en lang noemen we ook wel een onevenwichtige balans. Zolang het vertrouwen er is, gaat dit goed. Maar zodra spaarders massaal hun geld willen opnemen, ontstaat er een probleem. De bank heeft het geld immers uitgeleend en kan dat niet zomaar terughalen.
Daarnaast werken banken met veel vreemd vermogen en relatief weinig eigen vermogen. Ze zijn dus sterk gefinancierd met geleend geld. Dit vergroot de winst in goede tijden, maar het vergroot ook de risico’s in slechte tijden. Een kleine daling in de waarde van de bezittingen kan al grote gevolgen hebben voor het eigen vermogen. Voor een belegger betekent dit dat de echte risico’s vaak verborgen blijven totdat het misgaat. De geschiedenis heeft meer dan eens laten zien hoe snel een ogenschijnlijk gezonde bank in de problemen kan komen. Dat maakt de balans van een bank ook bovengemiddeld gevoelig voor disrupties. Eerder dit jaar maakte de markt zich zorgen over de consequentie van kunstmatige intelligentie voor softwarebedrijven. Er zijn voldoende financieringen te bedenken waarbij een vergelijkbare disuptie verwoestend kan uitwerken op de balans van een bank.
Weinig groei in een verzadigde markt
Naast de zwakke balans speelt nog een ander probleem. Traditionele banken hebben weinig groeiperspectief. In de meeste westerse landen is vrijwel iedereen al klant bij een bank. De markt is dus verzadigd. Er zijn nauwelijks nieuwe klanten te winnen, behalve door ze bij een concurrent weg te halen. Dat leidt vooral tot prijsconcurrentie en lagere marges.
Bovendien is het lastig voor een bank om zich te onderscheiden. De ene spaarrekening lijkt sterk op de andere en een hypotheek bij bank A verschilt nauwelijks van een hypotheek bij bank B. Klanten kiezen daardoor vooral op prijs, en dat zet de winstgevendheid verder onder druk. Ook zijn veel grote banken log en bureaucratisch. Door hun omvang en hun verouderde computersystemen kunnen ze maar moeilijk vernieuwen. Nieuwe technologie invoeren kost een grote bank vaak jaren, terwijl een jonge speler dat in maanden voor elkaar krijgt.
De opkomst van alternatieve financiële dienstverleners
Juist omdat traditionele banken vastlopen, ontstaat er ruimte voor een nieuwe generatie financiële dienstverleners. Deze bedrijven bieden vaak slimmere, snellere en goedkopere oplossingen. Ze maken gebruik van moderne technologie en zijn niet gehinderd door verouderde systemen of een zware bureaucratie. Bovendien hebben sommige van deze bedrijven minder last van de strenge bankregels, omdat ze net even andere diensten aanbieden of in markten actief zijn waar banken minder aanwezig zijn.
In onze individuele portefeuille hebben wij twee mooie voorbeelden van zulke bedrijven opgenomen: Nu Holdings en Orix.
Nu Holdings: digitaal bankieren in opkomende markten