Het was februari 2000, op het hoogtepunt van de dotcom-euforie. Zakenbank Lehman Brothers verhoogde zijn koersdoel voor het Japanse techbedrijf Softbank met een factor vier: van 100.000 yen naar 400.000 yen. De aanleiding? Het aandeel was in één week tijd verdubbeld, van 80.000 naar 160.000 yen. Lehman volgde de koers, de koers volgde de hype, en de hype volgde de lucht. Een maand later stortte alles in.
Vandaag, 26 jaar later, deed UBS iets wat sterk aan dat moment doet denken. Analist Timothy Arcuri verdrievoudigde zijn koersdoel voor Micron Technology in één stap: van $535 naar $1.625, het hoogste koersdoel ooit op Wall Street voor dit aandeel. En het aandeel? Dat steeg dezelfde dag met bijna 20%. Meer dan de verdrievoudiging van het koersdoel zelf is juist die koersreactie opmerkelijk. Beleggers zijn niet onbekend met de AI-trend. Ondanks het feit dat iedere belegger Microns cijfers kent eb de markt voor AI-geheugen nauwgezet wordt gevolgd, waren ze blijkbaar toch verrast.
Niet UBS, maar Nvidia was de echte aanleiding
De directe aanleiding voor de koerssprong was waarschijnlijk niet het UBS-rapport zelf. Nvidia had eerder al een toelichting gegeven op de AI-trends die de vraag naar geheugen structureel veranderen. Maar de markt was er kennelijk nog niet klaar voor. Beleggers onderschatten telkens opnieuw de omvang én de snelheid van de impact van kunstmatige intelligentie. Dat is de echte boodschap van vandaag.
Cruciaal verschil met het Softbank-verhaal van 2000
Toch is er een belangrijk verschil met de situatie in 2000. Arcuri baseert zijn verhoogde koersdoel niet op verwachtingen en beloftes, maar op structurele veranderingen die al zichtbaar zijn in de resultaten. Micron rapporteerde recent een kwartaalomzet van bijna $24 miljard, een groei van 196% ten opzichte van een jaar eerder, en het vierde opeenvolgende kwartaalrecord op rij. De winst, die twee jaar geleden nog vrijwel nul was, is sindsdien geëxplodeerd.
De kern van het UBS-argument is helder: de geheugenmarkt werkt niet meer op de oude manier. Decennialang werd DRAM-geheugen verhandeld als een grondstof: volatiel, gevoelig voor overaanbod, en daardoor ongeschikt voor hoge waarderingen. Beleggers zagen Micron altijd als een dozenschuiver: eencyclisch bedrijf: kopen vóór de cyclus, verkopen erna. Die logica klopt niet meer.
Meerjarige contracten veranderen alles
De reden is kunstmatige intelligentie, en meer specifiek: de opkomst van meerjarige leveringscontracten. Grote techbedrijven als Microsoft, Google en Amazon sluiten nu drie- tot vijfjarige afspraken af met geheugenproducenten. Dat geeft Micron iets wat het nooit eerder had: zekerheid over toekomstige inkomsten. UBS verwacht dat de DRAM-markt onderbezet blijft tot minstens halverwege 2028, en raamt een winst per aandeel van meer dan $100 tot in ieder geval 2029. Ter vergelijking: twee jaar geleden was die winst per aandeel vrijwel nul.
Samsung en SK Hynix: dezelfde golf
Micron speelt dit spel niet alleen. In de wereld van High Bandwidth Memory (HBM, het gespecialiseerde geheugen dat AI-chips van Nvidia aandrijft) zijn er wereldwijd slechts drie producenten die er werkelijk toe doen: Micron, Samsung en SK Hynix. En ook zij profiteren volop van de AI-vraag.
SK Hynix is op dit moment de onbetwiste marktleider, met 62% van de HBM-markt. Het bedrijf is Nvidia’s belangrijkste leverancier en heeft zijn nieuwste product, HBM4, ingepland voor gebruik in Nvidia’s komende Rubin GPU-platform. Samsung worstelde het afgelopen jaar met kwaliteitsproblemen, maar is bezig aan een comeback: de nieuwe P5-fabriek in Pyeongtaek wordt uitgebreid en de topman noemde het aankomende HBM4-product bij zijn eigen medewerkers een “comeback moment”. Beide Koreaanse bedrijven boekten in het eerste kwartaal van 2026 recordwinsten, gedreven door dezelfde vraag naar AI-geheugen.
De positie van de drie is inmiddels zo sterk dat ze de prijzen voor HBM3E-geheugen voor 2026 met bijna 20% hebben verhoogd. Dat is uitzonderlijl, normaal dalen chipprijzen naarmate de technologie rijper wordt. Dat hier het omgekeerde gebeurt, zegt alles over de machtspositie van deze drie bedrijven.
Rijmt de geschiedenis?
Is $1.625 voor Micron realistisch? Misschien. Is de koersstijging van 20% op nieuws dat eigenlijk al in de lucht hing een teken van een rationele markt? Waarschijnlijk niet.
Softbank doet het dit jaar trouwens ook weer uitstekend. Masayoshi Son, die in 2000 in één week de rijkste man ter wereld werd en even later honderden miljarden verloor, staat nu opnieuw vooraan in de AI-investeringsgolf. De geschiedenis herhaalt zich niet letterlijk — maar ze rijmt wel, zoals Mark Twain ooit zei.
Het grote verschil met 2000 is dat de onderliggende vraag naar AI-geheugen dit keer echt bestaat en exponentieel groeit. Het gevaar is niet dat de technologie teleurstelt. Het gevaar is dat de markt de omvang en snelheid van die groei keer op keer onderschat — en dan in korte tijd moet bijsturen. Zoals vandaag. Beleggers onderschatten nog steeds de impact van kunstmatige intelligentie. Dat is zowel een risico als een kans, afhankelijk van welke kant van de koersbeweging je staat.
Han Dieperink, Chief Investment Officer
Disclaimer
Abonneer op deze nieuwsbrief via www.aureus.eu/nieuwsbrief