De Amerikaanse dollar beleeft een dramatisch 2025. Met een daling van meer dan 14% noteerde de greenback zijn slechtste 9 maanden in veertig jaar tijd. Voor veel beleggers voelde het alsof de fundamenten van het wereldwijde financiële systeem aan het wankelen waren. Maar is deze zorg terecht, of gaat het om een tijdelijke terugslag?
Waarom viel de dollar zo hard?
De problemen begonnen in april toen president Trump zijn “Liberation Day” tariefaankondiging deed. De markten schrokken van plannen voor hogere invoertarieven en belastingverlagingen die zouden leiden tot grotere begrotingstekorten. Het vreemde was dat Amerikaanse aandelen ondertussen nieuwe records braken, maar de dollar bleef zwak. Dit leek tegenstrijdig, maar heeft alles te maken met hoe buitenlandse investeerders hun risico’s afdekken.
Jarenlang was het voor buitenlandse beleggers duur om hun dollarposities af te dekken tegen wisselkoersrisico. Toen de dollar eenmaal begon te dalen, haastten zij zich om hun posities te beschermen. Dit creëerde een negatieve spiraal: meer afdekking leidde tot meer druk op de dollar, wat weer meer investeerders aanspoorde om zich af te dekken.
Afdekken: obligaties versus aandelen
Het is belangrijk te begrijpen dat afdekken heel anders werkt bij obligaties dan bij aandelen. Bij obligaties is het hedgen van valutarisico volkomen normaal. De kosten hiervan worden bepaald door renteverschillen tussen landen, en bij obligaties kun je deze kosten makkelijk terugverdienen door het vaste rendement.
Bij aandelen ligt dit veel gecompliceerder. De hedgekosten zijn er nog steeds, maar je krijgt ze niet automatisch terug zoals bij obligaties. Bovendien zijn veel Amerikaanse bedrijven minder gevoelig voor dollarontwikkelingen omdat een zwakkere dollar hun winsten juist verhoogt – ze verdienen namelijk veel geld in het buitenland. Een dalende dollar betekent dus vaak hogere koersen voor Amerikaanse aandelen. Voor bedrijven buiten de VS geldt juist het omgekeerde: zij ondervinden nadeel van een zwakkere dollar.
Geen echt alternatief voor de dollar
Ondanks alle problemen blijft de dollar de dominante wereldvaluta. Ongeveer 89% van alle valutatransacties gebeurt in dollars, en 58% van alle internationale reserves wordt in dollars aangehouden. De reden is simpel: er is geen goed alternatief.
De euro zou een concurrent kunnen zijn, maar Europa worstelt met versnipperde markten. Investeerders moeten kiezen tussen Duitse, Franse, Italiaanse en andere staatsobligaties, elk met eigen regels en toezichthouders. Dit maakt de Europese kapitaalmarkt veel minder efficiënt dan de Amerikaanse.
China probeert zijn renminbi als alternatief te promoten, maar houdt tegelijkertijd strenge kapitaalcontroles in stand. Een echte reservevaluta moet vrij inwisselbaar zijn, anders kunnen investeerders niet snel genoeg reageren op veranderende omstandigheden.
Herstel in zicht
Verschillende signalen wijzen erop dat het ergste achter de rug is. Het sentiment rond de dollar is extreem negatief geworden, wat historisch vaak een teken is van een naderend omslagpunt. Belangrijker nog: de Federal Reserve zal waarschijnlijk de rente gaan verlagen, terwijl andere centrale banken al klaar zijn met versoepeling. Dit maakt het afdekken van dollarposities goedkoper.
Bovendien blijft de Amerikaanse economie sterker presteren dan die van Europa of Japan. De productiviteit groeit sneller, bedrijven maken meer winst, en kunstmatige intelligentie zal waarschijnlijk vooral de VS ten goede komen.
Conclusie
De dollardaling was spectaculair, maar waarschijnlijk ook tijdelijk. De fundamentele redenen waarom de wereld de dollar nodig heeft – diepe markten, juridische zekerheid, geen betere alternatieven – zijn niet veranderd. Voor beleggers betekent dit dat de ergste turbulentie waarschijnlijk achter ons ligt.
Han Dieperink, Chief Investment Officer
Disclaimer