Sinds vorige week is de Belastingdienst begonnen met het versturen van 2,6 miljoen brieven aan mensen die in aanmerking komen voor het aanvullend rechtsherstel in box 3. Met deze brief wil de Belastingdienst meer duidelijkheid geven aan de mensen die in aanmerking komen voor aanvullend rechtsherstel in box 3. Het gaat om de periode 2017 tot en met de inwerkingtreding van het nieuwe stelsel. Ontvangers van de brief hoeven nu nog geen gegevens over hun werkelijk rendement aan te leveren, dit is vanaf de zomer van 2025 mogelijk. De Belastingdienst werkt nu verder aan het formulier Opgaaf werkelijk rendement. Dit formulier biedt hulp bij het berekenen van het werkelijke rendement om de kans op fouten zoveel mogelijk te beperken. De gestructureerde aanlevering maakt geautomatiseerde verwerking mogelijk.
Bepalen van het rendement
Volgens de Hoge Raad moeten belastingplichtigen in box 3 belasting betalen over hun werkelijk behaalde rendement, als dit lager is dan het forfaitaire rendement. Het werkelijk rendement bestaat uit de directe opbrengsten (zoals rente en dividend) en indirecte opbrengsten (zoals waardeveranderingen) van uw totale vermogen in een jaar. Kosten mogen hierbij niet worden afgetrokken, behalve de rente op box 3-schulden. In de herstelwetgeving staan aanvullende regels voor het bepalen van het werkelijk behaalde rendement. Deze regels moeten duidelijk maken hoe het werkelijk rendement wordt vastgesteld, bijvoorbeeld bij eigen gebruik van een vakantiewoning en de waardeverandering van woningen. Bij elkaar geen eenvoudige opgave. Raadpleeg daarvoor dan ook uw fiscalist.
Wie komt in aanmerking?
De staatssecretaris heeft in een brief aangegeven wie gebruik kan maken van herstel box 3. Dat zijn drie groepen. Allereerst de belastingjaren 2017 en 2018 en dan alleen de belastingplichtigen met een definitieve aanslag die meeliepen in de massaal bezwaarprocedure of waarvan de definitieve aanslag na 24 december 2021 is ontvangen. Daarnaast moet ook tijdig een verzoek tot ambtshalve vermindering zijn ingediend. Dit laatste betekent dat de belastingplichtige de Belastingdienst heeft gevraagd om de belastingaanslag te verlagen zonder dat een formeel bezwaar is ingediend.
Voor de belastingjaren 2019 en 2020 komen de belastingplichtigen met een definitieve aanslag die op 24 december 2021 nog niet onherroepelijk was of daarna pas is ontvangen in aanmerking. Daarnaast moet ook een verzoek tot ambtshalve vermindering worden ingediend. Let op: voor belastingjaar 2019 moet dit verzoek uiterlijk in 2024 gedaan worden. Voor belastingjaren 2021 en later komen alle belastingplichtigen in aanmerking.
Belastingplichtigen die geen bezwaar hebben gemaakt
Belastingplichtigen bij wie de aanslag al onherroepelijk vaststond op 24 december 2021, de zogenoemde ‘niet-bezwaarmakers’, hebben geen recht op herstel van box 3. In de meeste gevallen gaat het dan om de aanslagen over belastingjaren 2017 t/m 2019 en eventueel ook 2020. Voor hen loopt nog een ‘massaal bezwaar plus’-procedure bij de Hoge Raad. De Hoge Raad moet oordelen of niet-bezwaarmakers mogelijk toch recht hebben op rechtsherstel.
Vanaf belastingjaar 2020 geldt dat bij het verzoek om ambtshalve vermindering ook het werkelijke inkomen in box 3 moet worden opgegeven. De opgave van het werkelijke rendement dat vanaf medio 2025 mogelijk is via het online-formulier Opgaaf werkelijk rendement wordt gezien als het verzoek om ambtshalve vermindering.Voor alle belastingplichtigen met box 3 vermogen geldt voor de belastingjaren 2021 en verder dat in beginsel de tegenbewijsregeling toegepast kan worden. Ook hiervoor geldt dat belastingplichtigen zelf in actie moeten komen, aangezien de Belastingdienst niet beschikt over de gegevens om het werkelijke rendement te kunnen berekenen.
Planning
Begin 2025 wordt de wet waarin voorgaande is vastgelegd, ingediend bij de tweede Kamer. Vanaf medio oktober tot en met begin november 2024 worden informatiebrieven verzonden aan de belastingplichtigen die in aanmerking komen voor rechtsherstel. Het formulier ‘Opgaaf werkelijk rendement’ is vanaf de zomer van 2025 beschikbaar. Het vaststellen van de definitieve aanslagen over 2021 tot en met 2024 staat gepland voor het vierde kwartaal van 2025. De verminderingsbeschikkingen 2017 tot en met 2024 voor het tweede kwartaal van 2026.
Zie ook www.rijksoverheid.nl (zoek op ‘rechtsherstel’) en houd er rekening mee dat de toezeggingen die hier gedaan zijn nog niet definitief zijn.
Han Dieperink, Chief Investment Officer
Disclaimer