Van bouwmaterialen naar transitiemetalen
Maar de echte gamechanger voor de sector basismaterialen is de fundamentele verschuiving van een bouw-gedreven naar een energietransitie-gedreven vraagprofiel. Wat velen de ‘energietransitie’ noemen, is in werkelijkheid een metalen transitie van ongekende schaal. Een elektrische auto bevat ongeveer zes keer zoveel mineralen als een conventionele auto – ongeveer 200 kilogram aan koper, lithium, nikkel, mangaan, kobalt, grafiet en zeldzame aardmetalen. Een enkele windturbine op zee vereist 8 ton koper, terwijl een megawatt aan zonne-energiecapaciteit 5 ton zilver nodig heeft.
Het Internationaal Energie Agentschap berekent dat het bereiken van klimaatneutraliteit in 2050 een verviervoudiging vereist van de jaarlijkse mineralenproductie voor schone energietechnologieën. Voor specifieke metalen zijn de projecties nog extremer: de vraag naar lithium moet met factor 42 toenemen, grafiet met 25, kobalt met 21, en nikkel met 19. Zelfs voor bulkmetalen zoals koper projecteert men een verdubbeling van de vraag, terwijl de ontdekking van nieuwe kopervoorraden op het laagste niveau in decennia staat.
Deze transitie-gedreven vraag heeft fundamenteel andere kenmerken dan de traditionele bouwvraag. Waar bouwprojecten cyclisch zijn en sterk afhangen van rentestanden en economische groei, wordt de energietransitie aangedreven door langetermijnbeleid en technologische trajecten die minder gevoelig zijn voor kortetermijnfluctuaties. De $2,1 biljoen aan investeringen in de energietransitie in 2024 – meer dan het dubbele van 2020 – illustreert deze structurele verschuiving. Belangrijker nog, veel van deze investeringen zijn politiek en strategisch gemotiveerd, met landen die vechten om controle over kritieke mineralenketens.
De nieuwe supercyclus in wording
De convergentie van een herstel in de bouwmarkten met de accelererende energietransitie creëert mogelijk de voorwaarden voor een nieuwe supercyclus in basismaterialen. In tegenstelling tot de China-gedreven commodityboom van 2001-2008, zou deze cyclus gediversifieerder en duurzamer kunnen zijn. De energietransitie alleen al vereist 10 biljoen dollar aan metaleninvesteringen tot 2030. Tegelijkertijd blijft de onderinvestering in nieuwe mijnbouwcapaciteit, een erfenis van de crash in 2015, de aanbodzijde beperken, wat de voorwaarden schept voor structureel hogere prijzen.
De huidige situatie vertoont zowel overeenkomsten als belangrijke verschillen met het verleden. Net als destijds heeft de sector jarenlang ondermaats gepresteerd terwijl technologie domineerde. Maar waar China toen de grote aanjager was van de vraag, fungeert het nu als een dubbele molensteen: de implosie van de Chinese bouwmarkt heeft de vraag vernietigd, terwijl het land de wereldmarkt overspoelde met overcapaciteit. Sinds 2019 was China verantwoordelijk voor 58% van de toegevoegde mondiale ethyleencapaciteit, wat leidde tot een deflatoire neerwaartse spiraal.
Toch tekenen zich nu de contouren van een mogelijk herstel af. De sector basismaterialen geniet momenteel van zijn beste reeks opwaartse winstherzieningen sinds begin 2022, met toekomstgerichte winstschattingen die sinds mei met 11% zijn gestegen. Analisten verwachten dat de sector de komende vier tot zes kwartalen de snelste winstgroei van alle sectoren zal genereren, met uitzondering van technologie.
De sector basismaterialen presenteert zich nu op het snijvlak van cyclisch herstel en structurele groei. Bedrijven in de metalen- en mijnbouwsector die blootstelling hebben aan transitiemetalen zoals koper, lithium en nikkel, lijken bijzonder goed gepositioneerd. Maar ook traditionele bouwmaterialenbedrijven kunnen profiteren van zowel het bouwherstel als de infrastructuurinvesteringen die nodig zijn voor de energietransitie.
Han Dieperink, Chief Investment Officer
Disclaimer
Abonneer op deze nieuwsbrief via www.aureus.eu/nieuwsbrief