AI en banen: versterking komt vóór verdringing

17 april 2026

Kunstmatige intelligentie zal banen vernietigen, zo luidt de angst. De geschiedenis laat iets anders zien. Technologie schept uiteindelijk meer werk dan zij wegneemt. Maar deze keer is de uitkomst minder vanzelfsprekend dan bij eerdere golven.

Het doemscenario klopt niet, maar enige nuance is op zijn plaats

Pessimisten schetsen een somber beeld. Kunstmatige intelligentie zou de meeste werknemers overbodig maken. De werkloosheid zou exploderen en de ongelijkheid zou sterk groeien. Het is het type voorspelling dat veel aandacht krijgt in de media. Maar het is ook het type voorspelling dat de geschiedenis steeds opnieuw heeft weerlegd. Technologische vooruitgang gaat al eeuwenlang samen met het vervangen van menselijke arbeid door machines. De tractor maakte het werkpaard overbodig. De computer maakte een einde aan de telefoniste. Dat is geen bedreiging voor de beschaving, dat ís beschaving.

Toch is enig realisme op zijn plaats. Nieuw onderzoek laat zien dat de uitkomsten deze keer minder zeker zijn dan bij eerdere technologische golven. Er zijn meerdere mogelijke scenario’s. In het ene scenario blijft AI beperkt en gaan veel banen verloren. In het andere scenario groeit AI sterk door en blijft de werkgelegenheid op peil. Welk scenario werkelijkheid wordt, staat nog niet vast.

Wat leert de geschiedenis?

Morgan Stanley heeft deze vijf grote innovatiegolven in de Verenigde Staten onderzocht, van de industriële revolutie tot het internet. Wat al deze golven met elkaar verbindt, is het General Purpose Technology-concept, of GPT. Dat zijn technologieën met een breed toepassingsbereik die over tijd rijpen en uiteindelijk in vrijwel alle sectoren doordringen, zoals het wiel, de drukpers en de computer. Elke GPT doorloopt drie fasen: eerst een experimentele fase waarin de mogelijkheden nog onbekend zijn, dan een expansiefase waarin de technologie breder beschikbaar en betaalbaarder wordt, en tot slot een transformatiefase waarin de samenleving zelf fundamenteel verandert. Neem als voorbeeld de auto, die begon als curiositeit, werd vervolgens breed toegankelijk, en transformeerde uiteindelijk de stedelijke inrichting volledig met voorsteden, drive-ins en winkelcentra.

 

Kenmerkend voor perioden waarin een oude golf zijn hoogtepunt bereikt en een nieuwe opkomt, zijn bredere maatschappelijke transformaties. Multidisciplinaire experts winnen aan belang: mensen die meerdere vakgebieden beheersen en die combineren op vernieuwende manieren, zoals nu onderzoekers die genetica en machine learning samenbrengen. Die kruisbestuiving tussen disciplines is een belangrijke aanjager van innovatie.  Voor de zesde golf is er een cluster van technologieën dat worden aangeduid met BANG: Bits, Atoms, Neurons en Genes. Bits, de bouwstenen van digitale informatie, hebben hun impact al bewezen. Atoms verwijst naar nanotechnologie, de wetenschap van materialen op moleculair en atomair niveau, die de auteur beschouwt als een van de meest waarschijnlijke nieuwe GPTs. Neurons staat voor neurowetenschap, die zowel ons begrip van het menselijk lichaam als de ontwikkeling van AI beïnvloedt. Genes ten slotte verwijst naar genetica, een snel groeiend vakgebied met vergaande consequenties voor gezondheid en ecologie. Wie begrijpt hoe technologische golven zich in het verleden hebben voltrokken, kan de volgende beter herkennen en zich er tijdig op voorbereiden.

 

Het patroon is namelijk telkens hetzelfde. Technologie verstoort arbeidsmarkten, maar vergroot uiteindelijk de werkgelegenheid en verhoogt de welvaart. Tijdens de eerste industriële revolutie daalde het aandeel boeren van 75 naar ruim 50 procent. Tegelijk verdubbelden de banen in de industrie en de bouw. Rond 1950 was het aandeel van de landbouw verder gedaald naar ongeveer 20 procent. Er waren toen meer kantoorbanen dan fabrieksbanen. Het internet deed iets vergelijkbaars. Veel middenkaderbanen verdwenen, maar de vraag naar softwareontwikkelaars en data-analisten steeg sterk.

 

Elke golf volgt een vast patroon. Eerst komt een periode van grote investeringen. Daarna volgt een fase waarin de productiviteitswinst zich verbreedt en de arbeidsmarkt zich aanpast. De grote verstoring komt meestal pas wanneer bedrijven de technologie diep in hun werkprocessen hebben opgenomen. En verdringing van banen is zelden gelijk verdeeld. Zij concentreert zich in bepaalde taken en sectoren. Elders ontstaan juist nieuwe functies.

AI verandert banen, maar vernietigt ze nog nauwelijks

Dit patroon is ook nu zichtbaar. De investeringen in AI zijn flink versneld. Dat past bij de vroege fase van een nieuwe technologische golf. Maar als we kijken naar de werkelijke uitkomsten op de arbeidsmarkt, is er nog weinig bewijs van brede verstoring. De Amerikaanse werkgelegenheid blijft sterk, ook in sectoren waar AI veel wordt gebruikt. Morgan Stanley wijst erop dat de werkloosheid onder de groepen met de hoogste AI-blootstelling wel iets is gestegen. Maar het effect blijft beperkt als je corrigeert voor de bredere economische cyclus.

 

Tegelijk zijn de eerste scheurtjes zichtbaar. Dat geldt vooral voor beroepen met hoge AI-blootstelling, zoals analisten, accountants en juridische medewerkers. Dit zijn vaak instapfuncties met routinematige, digitale taken. De juridische sector is een goed voorbeeld. Vooraf werd voorspeld dat AI duizenden banen voor jonge juristen zou wegvagen. In werkelijkheid wordt AI nu breed gebruikt voor het doorzoeken van documenten en voor onderzoek. Maar advocatenkantoren nemen nog steeds veel junior medewerkers aan. Onderhandelen, interpreteren en eindbeoordeling blijven menselijk werk.

 

Het signaal vanuit bedrijven is gemengd. In de IT, de zakelijke dienstverlening en kantoorwerk daalt de werkgelegenheid nog niet. Wel noemen bedrijven in hun kwartaalcijfers steeds vaker dat AI banen vervangt. Wat wél duidelijk verandert, is de manier waarop mensen hun werk doen. De aanpassingen vinden plaats binnen banen: andere taakverdelingen, andere werktijden, aangepaste functieomschrijvingen. Dat past bij een fase waarin AI werknemers vooral ondersteunt, en niet vervangt.

Hoe groot kan de verdringing worden?

In het basisscenario voorzien wetenschappers op lange termijn een forse productiviteitswinst. Tegelijk zou er een verlies aan werkgelegenheid ontstaan. Een groot deel van dat verlies zou in de eerste vijf jaar plaatsvinden. Maar bij hogere kosten om werknemers te vervangen is het beeld anders, ook bij een sterkere positie van bedrijven. Dan kan AI blijven groeien en de werkgelegenheid zelfs licht stijgen. De uitkomst is dus fundamenteel onzeker.

 

Nieuwe technologie werkt in het begin vooral als aanvulling op bestaande arbeid. Regels, gewoonten en beperkte kennis vertragen het vervangingsproces. Bedrijven zijn voorzichtig. Zij leggen nieuwe hulpmiddelen eerst bovenop bestaande processen. Pas daarna gaan ze hun werk helemaal opnieuw inrichten. Wanneer bedrijven hun processen volledig rond AI gaan herontwerpen, kan de ruimte voor vervanging van arbeid sneller groeien. Maar dan ontstaan ook nieuwe taken en beroepen. Het saldo van die twee krachten bepaalt uiteindelijk hoe AI de arbeidsmarkt vormt.

Wat betekent dit voor beleggers?

Voor beleggers is de conclusie dat de impact van AI op de economie en de arbeidsmarkt voorlopig geleidelijk is. De grote verschuiving ligt niet achter ons, maar ook niet direct om de hoek. De snelle verspreiding van AI zal de wereldeconomie uiteindelijk naar een betere plek brengen. Niet omdat er geen verdringing zal plaatsvinden. Maar omdat de scheppende kracht van technologie historisch gezien sterker is dan de vernietigende. Wel is de precieze uitkomst deze keer minder voorspelbaar dan bij eerdere golven. Met name dankzij een lerende technologie, lage kosten en hoge bereidheid om arbeid te vervangen zijn er verschillende uitkomsten mogelijk.

 

Wie belegt met een horizon van jaren in plaats van kwartalen, doet er goed aan beide kanten in het oog te houden. De productiviteitswinst die AI belooft. En de verschuivingen die kunnen volgen als de technologie diep is doorgedrongen. Sectoren die AI als aanvulling kunnen gebruiken, zoals softwareontwikkeling, advies, zorg en onderwijs, lijken voorlopig beter gepositioneerd. Dat geldt minder voor sectoren waarin AI vooral arbeid kan vervangen. De doemdenkers zullen waarschijnlijk ongelijk krijgen, zoals altijd. Maar de realisten hebben deze keer wel iets om op te letten.

 

Han Dieperink, Chief Investment Officer

 

Disclaimer

Abonneer op deze nieuwsbrief via

www.aureus.eu/nieuwsbrief

Gerelateerde artikelen

De magische 4%

Lange tijd rekende Nederland met vier procent. Pensioenfondsen gingen ervan uit dat hun beleggingen gemiddeld dat rendement haalden. Toekomstige uitkeringen

Meer lezen

De semiconductorsupercyclus is nog niet voorbij

Chipaandelen corrigeren hard, maar de semiconductorsupercyclus is nog niet voorbij. Kunstmatige intelligentie en robots stuwen de vraag.

Meer lezen

Financiële repressie

Het IMF waarschuwt voor de terugkeer van financiële repressie Wat betekent dit stille schuldenmiddel eigenlijk voor obligaties en aandelen?

Meer lezen

Koffie?

Verder praten over de dynamiek van vermogen. Maak hier een afspraak voor een kop koffie bij ons op kantoor of bij u thuis.

Neem contact op

Fout: Contact formulier niet gevonden.